De Super Bowl van 2024 was niet alleen een voetbalwedstrijd; het was een reclameshowcase die werd gedomineerd door bedrijven op het gebied van kunstmatige intelligentie (AI). Ongeveer een kwart van de 66 commerciële slots – die elk gemiddeld 8 miljoen dollar kosten gedurende 30 seconden – bevatten AI-gerelateerde promoties, wat een significante verschuiving markeert in de manier waarop grote merken hun marketingdollars besteden. Tijdens het evenement van dit jaar werden er zware investeringen gedaan door gevestigde AI-bedrijven als OpenAI en Anthropic, naast opkomende startups als Genspark en Base44. Zelfs gevestigde consumentenmerken, zoals wodkaproducent Svedka, maakten gebruik van AI in hun advertentiecampagnes.
De opkomst van AI in marketinguitgaven
Deze agressieve reclamedruk komt te midden van een bredere trend van enorme investeringen in AI-infrastructuur. Technologiegiganten als Alphabet (Google), Microsoft, Amazon en Meta hebben zich er gezamenlijk toe verbonden om tegen 2026 naar schatting 650 miljard dollar te besteden aan datacenters en rekenkracht om hun AI-ontwikkeling te ondersteunen. De Super Bowl-advertenties weerspiegelen deze toewijding; het gaat niet alleen om het verkopen van producten, maar om het vestigen van AI als de volgende grote technologische golf.
Historische parallellen en risico’s
De huidige AI-advertentieblitz doet denken aan eerdere uitgaven aan de Super Bowl door technologiebedrijven, waarvan sommige geen langetermijnrendement opleverden. Hoewel creatieve advertenties opvielen, roept het enorme volume vragen op over de vraag of dit een duurzame strategie is. De markt heeft al negatief gereageerd op de toegenomen AI-investeringen door grote technologiebedrijven, wat erop wijst dat er scepsis bij beleggers bestaat.
Voorbij de advertenties: context en trends
De timing van deze AI-dominantie is ook opmerkelijk. Super Bowl-maandag is traditioneel de hoogste dag voor het ziekteverzuim van werknemers, waarbij velen zich ziek melden. De wedstrijd van volgend jaar valt tijdens het Presidents’ Day-weekend, waardoor de daaropvolgende maandag een federale feestdag wordt. Dit zou de impact van Super Bowl-reclame verder kunnen vergroten, waardoor mensen nog meer tijd krijgen om de AI-zware berichten te bespreken (en mogelijk af te wijzen).
Daarnaast schreef senator Tim Scott onlangs aan de Securities and Exchange Commission (SEC) over de Netflix-Warner Bros. Discovery-deal, waarin hij het toenemende toezicht op grote media- en technologiefusies benadrukte. Dit voegt een extra laag van complexiteit toe aan de omgeving waarin AI-bedrijven agressief strijden om aandacht en marktaandeel.
De toename van AI-advertenties tijdens de Super Bowl luidt een keerpunt in: AI is niet langer alleen maar een technisch modewoord; het is een mainstream marketingprioriteit. Of deze investering zich zal vertalen in daadwerkelijke acceptatie door de consument valt nog te bezien, maar de boodschap is duidelijk: AI is here to stay, en de merken zetten er flink op in.
